Henk Vijver

<< terug

Ik geloof in God de Vader

19 augustus 2009

We zijn er aan gewend God aan te spreken als Vader. Het gebed van Jezus begint er mee: Onze Vader in de hemel. En dat bidden we elke zondag. Bij velen een heel geliefd beeld: God als onze Vader.
Toch zijn er ook mensen die het juist met deze voorstelling van God, God als Vader, moeilijk hebben. Als jij een vader hebt die nogal autoritair is, die het altijd beter weet, als jouw vader nogal een dominant heerschap is, dan kan het heel moeilijk zijn om God je vader te noemen.

Lezingen:
Psalm 103
Lucas 15:11-32
Romeinen 8:12-17

Lijkt God dan op jouw vader? Is God soms ook zo’n man, die denkt dat hij altijd in het middelpunt moet staan? Die vindt dat anderen naar hem moeten luisteren, maar die zelf nog nooit heeft geluisterd.
Ook het tegenovergestelde gebeurt. Als jouw vader altijd afwezig is, omdat hij het razend druk heeft met geld verdienen en carrière maken, wat zul je God dan vader noemen! Lijkt Hij soms op die onzichtbare vader van jou? Liever niet natuurlijk!

Er is nog een moeilijkheid: als God Vader is, betekent dat dan dat Hij een man is? Vooral voor veel vrouwen is dat een rare gedachte. Want waarom zou God een man zijn? Zijn mannen dan meer waard dan vrouwen? Waarom noemen we God eigenlijk niet onze moeder?

Dit is de derde
overdenking in
een serie over
de Apostolische
Geloofsbelijdenis.
Meer over de
geloofsbelijdenis
vindt u onder
'overdenkingen'
in het menu
hierboven.

God de vader; voor sommigen een mooie beeldspraak; voor anderen beslist niet.
Ik zou vanmorgen met u willen ontdekken dat God-de-Vader een prachtige beeldspraak is. God-de-Vader heeft in de bijbel niets te maken met zogenaamde mannelijkheid, en al helemaal niet met een autoritaire of met een afwezige vader.
Het is een beeldspraak: God-de-Vader. Dat moet voorop staan. Wij kunnen God niet beschrijven of definiëren. God houdt op God te zijn, zodra wij hem vastleggen in denkbeelden. Hij is groter dan al ons kennen en al ons spreken.
Maar met die beeldspraak God-de-Vader zeggen wij iets heel belangrijks. Iets waar wij in geloven.

Wat is eigenlijk een goede vader? Wat maakt dat je van iemand kunt zeggen: hij is een vader?
Een echte vader, zegt de psalmdichter, is liefdevol jegens zijn kinderen. Hij heeft ontferming met zijn kinderen. En wij geloven dat die ontferming kenmerkend is voor God.

“Zoals een vader zich ontfermt over zijn kinderen
zo ontfermt zich de Heer over wie hem vrezen”
(Psalm 103: 13)

Ontferming. Dat is het geheim. God-de-Vader betekent niet dat God een man zou zijn; het betekent dat God ontferming heeft met de mensen.
Het Hebreeuwse woord voor ontferming is een heel bijzonder woord; het is afgeleid van het woord voor “moederschoot”. Moederschoot, dat is de plaats waar het leven van ieder mens begint en daarom kan het ook uitdrukking zijn van de gevoelens van een moeder voor haar kind. Moederschootgevoel, zeg maar. Dat is in de bijbelse taal de oorsprong van dat woord ontferming. Wil je weten wat ontferming is, kijk dan hoe een moeder haar pasgeboren kind in de armen houdt; een en al toewijding en zorg. Ieder kind op deze aarde zou dat gevoel moeten ervaren. Het is een onmisbaar begin van je leven. Onmisbaar om op te groeien tot een volwassen en gelukkig mens.

Wat is nu het typische van een echte vader? Wat maakt dat een vader vader is voor zijn kinderen, volgens de bijbel?
Een echte vader heeft dat moederschootgevoel voor zijn kinderen. Dat maakt een vader tot vader. Dat hij dat intense gevoel heeft, dat zo typerend is voor een moeder.
Wij vertalen dat moederlijke gevoel als liefde of ontferming. Het zijn mooie woorden, maar het blijft een gebrekkige vertaling, want je hoort de verwijzing naar de moederschoot niet meer. Maar hoe vertaal je het in goed Nederlands: moederschootgevoel? In een enkele vertaling wordt het weergegeven als tederheid. Dat is in dit verband een mooi woord.
Ontferming: dat zijn de zachte krachten in de mens: tederheid, toewijding, zorg.

Als wij dus God onze Vader noemen, dan bedoelen we dat God moederlijke gevoelens van tederheid voor ons heeft. “Zoals een moeder haar kind nooit zal vergeten, zo zal God de mensen nooit vergeten”, zegt de profeet Jesaja (49: 15).
God als Vader is dus een heel bijzondere voorstelling. Het overstijgt de verschillen tussen mannelijk en vrouwelijk. Het heeft niets te maken met die autoritaire vader of die afwezige vader waar we het zopas over hadden. Het spreekt over een goede vader in moederlijke termen.
Wat maakt een vader tot vader? Tederheid, zorg, koestering, ontferming. Zo kunnen mensen God ervaren. En daarom noemen ze hem Vader.

Jezus vertelt de mensen een verhaal over een vader en zijn twee zonen, om uit te legen wat die ontferming of tederheid nu concreet betekent.
Het verhaal is bekend (Lucas 15). De jongste zoon kiest er voor om weg te gaan. Hij verlaat het huis van zijn vader. Maar als hij helemaal is vastgelopen, besluit hij weer terug te keren. “Ik zal naar mijn vader gaan”. Nog voordat hij thuis komt, ziet zijn vader hem al komen. “Hij kreeg medelijden (dat is weer diezelfde ontferming) en rende op zijn zoon af, viel hem om de hals en kuste hem” (vers 20).
De vader zelf gaat naar buiten, de zoon tegemoet die hem heeft verlaten. Hij laat zijn zoon niet eens zijn complete schuldbekentenis afmaken; dat hoeft al niet meer. De vader haalt zijn zoon weer naar binnen.
Als de oudste zoon hoort dat er voor zijn jongste broer een feest is in het huis, wil hij niet naar binnen. Ook hij staat dus buiten het huis van zijn vader. “Maar zijn vader kwam naar buiten”, vertelt het verhaal (vers 28).
Beide keren komt de vader naar buiten om zijn zonen binnen te halen. De vader neemt het initiatief en gaat naar zijn zonen toe om hen opnieuw te ontvangen in zijn huis.

De gelijkenis van de liefdevolle vader; de ontfermende vader. Zo kun je dit verhaal nog het beste noemen. Want daar gaat het over: de ontferming van de vader.
De vader doorbreekt de gangbare patronen. Hij wil niet heersen over zijn zonen. Hij maakt geen verwijten: “ik heb je toch gezegd: het komt niet goed”; “als kind was jij altijd al zo ..”. Geen verwijten. Geen voorwaarden. De vader is blij met de terugkeer van zijn zoon en hij wil dat iedereen deelt in die blijdschap.
Wie en wat is God? God, zegt Jezus met dit verhaal, is als een vader die altijd de deur van zijn huis openzet om zijn kinderen te ontvangen; hij verheugt zich over hun terugkeer. God de Vader is één en al moederlijke tederheid.
En wat is dus de mens? Mensen zijn er om elkaar diezelfde zorg en ontferming te geven. Dat dat heel erg moeilijk is, laat de oudste zoon zien. Maar daar hangt het geluk van de mensen van af: of de zachte krachten in de mens een kans krijgen.

De apostel Paulus roept ons daartoe op.
Wij allen die geloven mogen ons kinderen van God weten. Net als Jezus mogen wij God aanspreken als Vader.
Wij zijn Gods kinderen. Een prachtige beeldspraak, die natuurlijk meer dan alleen woorden wil zijn. Wij kunnen op God onze Vader lijken, zoals dat gaat bij kinderen.
Wij doen wat hij doet. Ontferming tonen aan de mensen om ons heen. Want dat is waar mensen in deze harde wereld het meest behoefte aan hebben: toewijding, tederheid.

De dichteres Henriette Roland Holst spreekt daarover als een belofte: “De zachte krachten zullen zeker winnen in ’t eind …”

Opgang

De zachte krachten zullen zeker winnen
in ’t eind – dit hoor ik als een innig fluistren
in mij; zo ’t zweeg zou alle licht verduistren
alle warmte zou verstarren van binnen.

De machten die de liefde nog omkluistren
zal zij, allengs voortschrijdend, overwinnen,
dan kan de grote zaligheid beginnen
die w’ als onze harten aandachtig luistren

in alle tederheden ruisen horen
als in kleine schelpen de grote zee.
Liefde is de zin van ’t leven der planeten,

en mense’ en diere’. Er is niets wat kan storen
’t stijgen tot haar. Dit is het zeekre weten:
naar volmaakte Liefde stijgt alles mee.

Henriëtte Roland Holst